Kerstspinsel

Kerstspinsel, een kort verhaal uit de serie Coronkels, korte verhalen in Corona-tijd.

Het was een lastige beslissing: laat ik de kat in de huiskamer, of vanavond maar even in de eetkamer met de tussendeur dicht? In de huiskamer staat een hele grote kerstboom, zojuist opgetuigd. De boom komt uit de bonusfolder en de ballen en de piek waren een aanbieding van Formido. Dat komt goed uit, want veel geld heb ik niet. Net een huis gekocht, dus het moet uit de lengte of uit de breedte. Maar kerstmis zal gevierd worden.

 

Mijn rode mini-kater, Vito, is pas een paar weken voor kerst bij mij komen wonen. Als enige van zijn nestje was hij aan de verdrinkingsdood ontsnapt door zich te verstoppen in een stoel. Dezelfde stoel, waarin ik was gaan zitten tijdens mijn bezoek aan het gezellige en vooral drukke gezin waar ik dol op was. Ik wist dat zij er niet zo mee zaten: katten genoeg en de oktober-katjes zouden het buiten toch niet redden als er een strenge winter zou komen. De stoel leek leeg, tót ik iets in mijn rug voelde wriemelen. Met een steen in mijn maag keek ik om waar ik nou weer op zat. Récht in twee ondeugende blauwe oogjes van een ontzettend klein katje.

 

De moeder van het grote gezin was snel overtuigd om hem nog even in leven te laten totdat ik thuis had overlegd. Mijn grote liefde is allergisch voor katten, dus de combinatie zou wel eens desastreus voor een van hen kunnen uitpakken. Ik ben dol op katten en ik was vastbesloten om dit dier te redden. Gelukkig voor mij gingen we het met hem proberen.

 

Van begin af aan was het een groot succes: het was een ontzettend ondeugend en ondernemend beest. Slechts een paar ons zwaar en een centimeter of 5 à 6 hoog dribbelde hij op onhandige pootjes door de huiskamer. De eerste keer dat hij de horde tussen de huis- en de eetkamer moest ‘nemen’ lachte ik mij een kriek; zijn voorpootjes stonden al over de drempel van de schuifdeur, toen hij achterom keek: ‘Héé, hoe krijg ik mijn achterste poten ook aan deze kant?’ Ik zag de hersens in zijn koppie kraken. Maar hij kreeg het voor elkaar. Hij buitelde uitgelaten door de eetkamer, vol vreugde over zijn nieuw verworven terrein.

 

Toen brak de kersttijd aan: de boom stond en de weinige ballen hingen er in. Het was de mooiste boom die ik ooit had gezien, want het was mijn eerste eigen kerstboom. Onze Vietje lag gedurende de hele operatie van het optuigen heerlijk te slapen op de bank; een rood dotje poetskatoen op een groene, van vrienden gekregen bank. Toen hij wakker werd keek hij verbaasd op: ‘Hoe kwam die boom daar nou opeens?’

 

Hij ging op onderzoek uit. Nu zijn alle katten een soort autistisch; zodra er iets in hun omgeving verandert, zien ze dat onmiddellijk en moeten ze eerst het naadje van de kous weten. Vito was geen uitzondering. Bijna met zijn buik op de vloer sloop hij naar de boom. Want stel je voor dat die boom kwaad in de zin zou hebben? Nee, dat kon hij niet gebruiken. Zelfs zijn oortjes hield hij naar beneden om maar niet gespot te worden. Een poosje ontdekte hij zo de merkwaardige nieuwkomer, mmmm, het leek erop dat de boom geen dreiging vormde. Mooi! Weer wat geleerd. Hij keek opgelucht en dapper, het ding was onschuldig, wij hoefden niet bang te zijn.

 

Om te voorkomen dat mijn kitten zijn nageltjes in één van de kerstballen (ontzettend breekbaar) zou slaan, had ik de onderste takken versierd met balletjes met witte zijde. Een wit-zilveren boom met echte kerstboomkaarsjes, zoals ik altijd graag had gewild. Niet het kleurrijke exemplaar dat mijn ouderlijk huis sierde, nee, wit-zilver: prachtig! Maar Vito had totaal geen belangstelling voor de ballen, zilver, wit of welke dan ook. Vito had vooral honger, want het was etenstijd.

 

Na het eten was het hoog tijd voor zijn dutje, wat kunnen katten toch ontzettend veel slapen. En vooral: zo ontzettend vredig. Ik kan mij niks lievers voorstellen dan zo’n pluizig soezend bolletje. Vito was een ware grootmeester: zoals hij intens tevreden op zijn plekje kon knorren was ongekend. Een half uurtje later stond ik klaar om naar de repetitie te gaan. Gepakt met muziek, lessenaar en (toen nog) klarinet en zin in een avondje muziek. Maar wat te doen met mijn Vietje? ‘Ach, hij slaapt nog zo lekker. Hij wordt waarschijnlijk in geen uren wakker. Als ik straks thuiskom, dan ligt hij er nog net zo ontspannen bij als nu. Het zijn maar een paar uurtjes en hij is zo druk in de weer geweest.’

Ik neem een besluit: ik laat mijn schattige babypoes lekker liggen. ‘Hij slaapt en hij heeft geen belangstelling meer voor de boom. Zelfs als hij er in klimt, dan valt hij echt niet om, zo’n klein dier.’

 

Na de repetitie gun ik mij geen tijd voor een babbel en een borrel in de derde helft. Snel naar huis, want een beetje ongerust ben ik wel. Per slot van rekening had ik de boom ook al water gegeven…

Door het achterraam zie ik dat de boom nog fier overeind staat. Zie je nou wel: ‘dat beest ligt nog gewoon te slapen, zorgen om niks.’ Ik zet mijn muziekspullen in de keuken en maakt de deur naar de kamer open. Vito lag niet meer op zijn plekje; hij zit op de grond, midden in een web van witte zijden draden. Wakker geworden had hij een bal uit de boom gepingeld. Een zijden draad, losgeraakt door een van zijn vlijmscherpe hakende nageltjes vormde natuurlijk een onbeheersbare uitdaging: ‘Kijk! Hoe meer ik tegen die bal tik, hoe meer draad er achter aan komt. Prachtig!’

 

Hij moet uren bezig zijn geweest, het draad zat om de poten van de bank, de salontafel,  het dressoir, de kerstboomstandaard. Het was een ontzettend mooi gezicht, een spinsel van witte zijden draden dwars door de hele huiskamer. Met in het midden een onschuldig ogende knalrode rakker: ‘Snap je dat nou? Ik begrijp er niets van? Hij viel er zo maar af …’

 

Mijn kerstfeest is niet compleet zonder kerstliedjes, gedichten en een boom. En elk jaar een kerstverhaal.

Dit jaar Vito’s kerstspinsel.

Nóg een Coronkel lezen? Klik dan op deze link: Verhalen

Kerstspinsel werd als column gepubliceerd in het Gouds Dagblad op 13-12-2020